Benchmark conversietabel middelgrote gemeenten

29 oktober 2020

Recent hebben we een bureauanalyse verricht op de groep van ruim 50 middelgrote gemeenten tussen 50000-100000 inwoners naar het gebruik van tussenschalen 10a en 11a. Ons onderzoek laat zien dat tussenschalen relatief weinig voorkomen bij middelgrote gemeenten en dat het effect nog sterker is in combinatie met invoering van het nieuwe functiewaarderingssysteem HR21 en in combinatie met “nieuwbouw” van het functiehuis, bijvoorbeeld als gevolg van een gemeentelijke fusie.

Benchmark conversietabel middelgrote gemeenten

Gemeenten hebben een eigen lokale conversietabel die de koppeling tussen de (generieke) functies en functiewaardering en functieschalen regelt. De top van het functieloongebouw van de gemeente wordt bepaald door de algemeen directeur/gemeentesecretaris. Er is van oudsher een sterke samenhang tussen het aantal inwoners (inwonersklasse) en deze schaal. Vervolgens is één van de belangrijkste keuzemogelijkheden voor gemeenten het wel of niet gebruiken van tussenschalen 10a en/of 11a.

Uit onze bureauanalyse onder de middelgrote gemeenten blijkt dat 70% van al deze gemeenten geen tussenschalen gebruiken, 13% beide tussenschalen, 9% alleen 10a, 2% alleen 11a en van 6% van deze gemeenten zijn de gegevens bij ons niet bekend. We zien dat organisaties, zeker de middelgrote tot grote gemeenten, niet snel overgaan tot een wijziging van hun conversietabel. Dit is namelijk een hele operatie en vraagt uiteraard ook overeenstemming in het lokaal overleg. Vaak wordt de conversietabel pas integraal heroverwogen bij invoering van een nieuw functiewaarderingssysteem en/of in combinatie met het opbouwen van een nieuw organisatieontwerp.

HR21 is het waarderingssysteem dat de laatste 10 jaar in zo'n 280 (inter)gemeentelijke organisaties is ingevoerd. Van de onderzochte groep middelgrote gemeenten dat HR21 heeft ingevoerd (2/3 van de totale onderzochte groep) heeft 78% geen tussenschalen, 8% heeft beide tussenschalen, 11% alleen 10a en 3% alleen 11a. We zien dus een nog iets groter percentage van deze gemeenten dat geen tussenschalen (had) of heeft. Het effect is nog groter bij fusiegemeenten die HR21 hebben ingevoerd ten tijde van het plaatsingsproces omdat daarbij veelal een geheel nieuwe organisatie wordt opgebouwd en er bovendien sprake is van een grotere organisatie dan voorheen (“de schaalsprong”). In vrijwel alle recente fusiegemeenten waar een nieuwe organisatie wordt opgebouwd zijn de tussenschalen niet (meer) gebruikt. Het lijkt erop dat in de groep middelgrote gemeenten de tussenschalen minder vaak voorkomen dan bij kleinere gemeenten omdat de grotere gemeenten voldoende volume hebben aan werkzaamheden van functies op schaalniveau 11 en 12 en de verschillen tussen functies onderling goed uitlegbaar zijn zonder tussenschalen.

We zien ook dat deze middelgrote gemeenten de voor medewerkers maximale conversie toepassen in HR21 t/m rij en schaal 13, gegeven de vaste waarderingsverhoudingen van de landelijke normfuncties in de functiematrix van HR21. Dit leidt tot marktconforme uitkomsten en een logische lijn tussen de top van het functieloongebouw van een grotere gemeente (16, 17) en de schalen eronder.

We zien dat bij “staande” organisaties die HR21 “technisch” invoeren/omzetten als een nieuw fuwasysteem een deel van deze gemeenten hun huidige tussenschaal juist behoudt, mede omdat afschaffen ervan impact kan hebben op de bestaande rangordening van de functieopbouw en de taakverdeling binnen de afdelingen die hieruit voortvloeit. Een ander deel van de gemeenten lijkt invoering van HR21 juist aan te grijpen om het achterstallige functiehuis en loongebouw op te schonen.