The New-deal

07 april 2020
Eddy Buitenhek

The new-deal is de naam voor het hervormingsprogramma van president Roosevelt begin jaren '30 om de VS uit het economische slop te trekken. Ook nu rammelt er wereldwijd een depressie aan de deur. Hoe hard die ons gaat raken is vooralsnog voer voor speculatie. Wat de new new-deal gaat worden dus ook. Deze zal per continent en mogelijk zelfs per land verschillen. Maar door de toegenomen globale afhankelijkheid zullen alle deals internationale impact hebben. Verwacht protectionisme zal gevolgen hebben voor de wereldhandel en alleen intensieve internationale samenwerking kan de negatieve effecten beperken. In een tijd waar het eigen belang eerst komt (own citizens first), zijn die vooruitzichten niet echt rozengeur en maneschijn.

The New-deal

Gelukkig ben ik geen econoom en kan ik mijn hoofd na deze bespiegeling weer in het zand steken. Want ik ben slechts ondernemer en dan ook nog eens een positivo. En ik houd het er voorlopig maar op dat een vaccin of een ander wonder deze pandemie tot stilstand zal brengen. Dat dan ook het liefst binnen afzienbare termijn. Zodat we later zeggen: het was effe heftig. Want het was geen griepje dat ons aan huis en haard kluisterde. Ratio's en calculaties over risicogroepen kunnen nooit de individuele drama's verhullen die zich achter de deuren van zorginstellingen en huishoudens hebben afgespeeld. 

Om het voor mezelf tot overzichtelijke proporties terug te brengen, stel ik hier de vraag centraal wat de impact van Covid-19 zal zijn voor onze manier van leven en werken. Tot nu toe zijn de reacties op deze vraag nogal verschillend. We hebben natuurlijk de doemdenkers: Die er van overtuigd zijn dat het nooit meer zal worden zoals het is geweest. Geen handen schudden, geen volle concertzalen en stadions meer, op afstand van elkaar werken en meetings via beeldscherm. C is here to stay. Aan de andere kant van het spectrum hebben we de berusters: Af en toe worden we getroffen door een plaag of ziekte die in één klap een mensenmassa wegvaagt. Straf voor de ongebreidelde bevolkingsaanwas en de industriële en agrarische massaproductie. Ziekte voorbij, dan gaan we weer over tot de orde van de dag. Vooruitgang laat zich niet beteugelen en zit in het DNA van de mens. Omdat de waarheid zelden tweedimensionaal is, hebben we nog een derde kant van het spectrum. Daar vinden we de verbeteraars: Dit mag nooit meer gebeuren. We moeten aanpassingen doen in onze samenleving en de manier waarop we de welvaart verdelen. We moeten groenbewust worden en de aarde als erfstuk beschouwen. De dieren de dieren laten en niet primair beschouwen als consumptiegoed. Laat de vleermuizen in de bomen hangen en haal hooguit een tuinslang in huis.

Persoonlijk zit ik ergens op de lijn tussen de berusters en de verbeteraars. Tuurlijk ben ik voorstander van vergroening, verduurzaming en welvaartspreiding. Maar ik vrees, als puntje bij paaltje komt, dat we aan onze way-of-life niet te veel concessies willen doen. Zeker niet van de ene dag op de andere. Laten we het voor het gemak even wat kleiner maken. Hoe vervelend deze 'intelligente' lockdown ook is, we zien natuurlijk ook wel wat positieve effecten. Naast het feit dat we gehoorzamer zijn dan we dachten, zijn er geen files meer, blijken we ineens flexibel in het aanpassen naar nieuwe digitale werkvormen, blijken we een pop-up-economie-in-spe te hebben voor nieuwe ideeën, kunnen we de bodem van de sloten weer zien, zwemmen er weer dolfijnen in Venetië, ademen we schonere lucht in en is onze regelzucht drastisch ingeperkt tot een wat-mot-dat-mot mindset.

Een slagvaardig UWV, wie had dat ooit gedacht? Om over kabinet en ministeries maar te zwijgen. Daadkracht pur sang! Die potentie zit er dus kennelijk gewoon in. Maar gaat dat ook beklijven als de noodzaak weg is? Blijven we thuiswerken, gaan we meer digitaal vergaderen en gespreid naar kantoor. Blijven we doorpakken op complexe dossiers en weten we de paarse krokodil permanent te omzeilen? Uit een recente enquête van Binnenlands Bestuur blijkt dat we zeker voordelen zien in het thuiswerken. Zo is de koffie van betere kwaliteit, mag de radio op 10 en kunnen we lekker uitslapen. We hoeven niet te stressen om voor de file uit te rijden en hebben een excuus om de vergadering kort te houden. Daar staat tegenover dat we kantoor missen om over elkaar te kunnen roddelen, de keukentafel te hoog is, we tussen de middag ons loopje met de vaste collega missen en we het lastig blijven vinden om niet door elkaar heen te mogen praten via videocalling. De belangrijkste klacht is evenwel dat we ons werk gewoon niet goed kunnen doen. Blijkbaar is een organisatie toch meer dan de som der delen en bepaalt ook de cohesie in structuur en cultuur het succes van het productieproces.

Dus is mijn conclusie dat de wereld er straks niet echt anders uit zal zien als we er niet echt werk van maken. Wie herinnert zich niet de hype van een paar jaar geleden om Het Nieuwe Werken in te voeren. Veel meer dan kantoortuinen en flexibele werkplekken heeft dat niet opgeleverd. Die flexibele werkplekken bleken overigens al snel goed vergelijkbaar met de ligstoelen aan het zwembad van een all-inclusive-oord. Voor de ultieme vorm van territorium afbakening is daar een handdoekje genoeg. Op de werkplek een achteloos vergeten familiekiekje. Zoals ik zei ben ik een positivo. Dus denk ik dat we uit CC (corona-crisis) ook wel lering (kunnen) trekken. Labour-mobility zal mogelijk een key-word worden waarmee we een juiste balans moeten vinden tussen thuiswerken en kantoor. Om de wereld social-proof te maken, de files te bestrijden, en de uitstoot van schadelijke stoffen te beperken.

Wat daar verder bij hoort? De new-deal Corganisatie (waarbij de C staat voor Continuous). De ingrediënten:

  • Workflow-management (sturen op restyling van processen en co-productie);
  • Need-to-meet-management (hoe en waar moeten we vergaderen of samenwerken);
  • Target-management (stellen en evalueren van doelen);
  • Cohesie-management (hoe kennen we elkaar en vormen we een eenheid);
  • Continuous evaluation (leren van fouten);

Er valt straks dus nog zat te managen en te processen, al moeten we wat gaan rommelen met de vorm en vooral de kwaliteit. De manager die nu onzichtbaar was, is misschien niet de beste new-deal manager. De mensen die de processen en besluitvorming nu los hebben weten te trekken en hebben aangedrongen op new-deal practice zijn daarentegen misschien de managers van morgen. Laten we ook de thuisblijvers niet met de thuiswerkers vereenzelvigen. Thuiswerkers zoeken naar alternatieven om zich aan te passen, pakken nieuwe draadjes op en weten hun collega's altijd te vinden. The show must go on. Thuisblijvers berusten in hun lot en verdrijven de verveling. Zij zijn de showstoppers.

Zoals altijd ligt de waarheid ergens in het midden. En ligt het in de menselijke aard om nare ervaringen te verdringen. Maar misschien kunnen we met z'n allen eens kritisch kijken naar de manier waarop we nu werken en hoe we het - met behoud van het goede - kunnen veranderen: recorganiseren is het motto! En excuses voor de Engelse termen. Dichterlijke vrijheid!